„fourteen" in Dutch
How do you say "fourteen" in Dutch?
fourteen veertien negentig (1490) /fˈɔːtiːn nˈaɪnti/
✓ Verified by a human
Translations 3
- fourteen ninety (1490) veertien negentig (1490)
- four hundred fourteen (414) vierhonderd veertien (414)
- fourteen (14), fifteen (15) veertien (14), vijftien (15)
Phrases 6
- fourteen (14) veertien (14)
- fourteen (14) 14
- fourteen days de veertien dagen
- fourteen years veertien jaar
- Monday fourteen (14) maandag veertien
- 14 (fourteen) days 14 (veertien) dagen
Example sentences 21
- I am fourteen years old. Ik ben veertien jaar oud.
- He is fourteen years old. Hij is veertien jaar oud.
- Are you fourteen years old? Ben je veertien jaar oud?
- Two times seven is fourteen. Twee keer zeven is veertien.
- Ten (10) plus four (4) is fourteen (14). Tien (10) plus vier (4) is veertien (14).
- She is 14 (fourteen) years old. Ze is 14 (veertien) jaar oud.
- He is not fourteen years old. Hij is geen veertien jaar oud.
- Fourteen (14) minus eight (8) is six (6). Veertien (14) min acht (8) is zes (6).
- Fourteen (14) plus one (1) is fifteen (15). Veertien (14) plus één (1) is vijftien (15).
- Fourteen (14) plus one (1) is fifteen (15). Veertien (14) plus een (1) is vijftien (15).
- Fourteen (14) plus one (1) is fifteen (15). Veertien plus één is vijftien.
- Nineteen (19) minus fourteen (14) is five (5). Negentien (19) minus veertien (14) is vijf (5).
- 6 (six) plus 8 (eight) equals 14 (fourteen). 6 (zes) plus 8 (acht) is 14 (veertien).
- Yanni planted this fig tree fourteen years ago. Yanni heeft deze vijgenboom veertien jaar geleden geplant.
- 14 (fourteen) days ago there was a party with my friend Jan. 14 (veertien) dagen geleden was er een feestje bij mijn vriend Jan.
- The agency is closed between 12 (twelve) and 14 (fourteen) hours. De agence is gesloten tussen 12 (twaalf) en 14 (veertien) uur.
- The balance must be paid no later than 14 (fourteen) days before departure. Het saldo moet ten laatste 14 (veertien) dagen voor het vertrek betaald zijn.
- Ten, eleven, twelve, thirteen, fourteen, fifteen, sixteen, seventeen, eighteen, nineteen, twenty. Tien, elf, twaalf, dertien, veertien, vijftien, zestien, zeventien, achttien, negentien, twintig.
- I see you in the morning, on 31 (thirty-one) May, in two thousand and fourteen. Ik zie je 's morgens, op 31 (eenendertig) mei, in tweeduizendveertien.
- A magazine that appears every 14 (fourteen) days is a half-monthly magazine. Een magazine dat om de 14 (veertien) dagen verschijnt is een halfmaandelijks tijdschrift.
- This girl was 14 (fourteen) years old, her name was El, and she was a good student. Dit meisje was 14 (veertien) jaar, heette El en was een goede leerling.
Learn "veertien negentig (1490)" forever
Learn this word →
Taalhammer schedules reviews so you never forget. Add this word and practice it in the app.